VIJFTAL GEWIJDE LIEDEREN.

III.

BELIJDENIS.

Wat vleesch noch bloed
Mijn dof gemoed,
O Heiland! openbaarde,
Zegt mij de stem
In t hart, van Hem,
Die hemel schiep en aarde.

In U aanschouw
Ik t Zaad der Vrouw.
Op wien alle eeuwen wachtten;
Den Man, wiens dag
Reeds Abram zag;
Den Zegen der geslachten.

Gij zijt het, Gij
Wien profecij
En schaduwdienst verkondde;
De Christus Gods,
De sterke Rots,
Daar ik mijn hoop op grondde.

Ja in u heeft
De God die leeft
Zijn Zoon aan ons gegeven.
Heer! waar dan heen?
Gij hebt alleen
Het Woord van eeuwig leven.


Ingezonden op: 19 July 2001