SCHERTS.

Ongevoelig, ruw, koelbloedig
Mag de schert.~ niet zijn;
Vroolijk, vriendlijk en goedmoedig,
En niet scherp, maar fijn,
t Lachje, dat zij op doet rijzen,
Zij noch wreed noch wrang;
Glimlachje op de lip des wijzen,
Kuiltje in poezle maagdenwang.


Ingezonden op: 19 July 2001