ZOMERDAG.

Slechts blijde tonen kunnen t zijn,
Die van mijn lippen vloeien,
Bij dezen heldren zonneschijn,
Dit groeien en dit bloeien.

Al draagt het hart een diepe wond.
Toch kan er vreugde wezen,
Als alles rondom ons Gods liefde verkondt,
En we overal vroolijkheid lezen.

Mijn geest is vrij en opgewekt.
En zou zich mijn hoofd dan buigen?
De graven zelf zijn met bloemen bedekt.
Die van nieuw leven getuigen.

Zij kijken den hemel zoo dankbaar aan
Van t zonlicht zoo vriendlijk beschenen;
Dat droogt op haar wangen den helderen traan,
Dien de donkere nacht haar deed weenen.


Ingezonden op: 19 July 2001