BIJ HET GRAF EENER MOEDER.

De hoop, door bange vrees bestreden,
Werd uitgedoofd in diepe smart,
In spijt vall tranen en gebeden
Is ZIJ ontrukt aan t kinderhart.
Rondom haar open grafkuil schreien
Beroofde liefde en dankbaarbeid;
Maar daar is vreugd bij de englenreien
En bij den Eega. die haar beidt.
Het dochtrenpaar, haar voorgetogen,
Omhelst haar voor den troon van God
Zoo is hier troost bij weenende oogen,
En daar een onbewolkt genot.


Ingezonden op: 19 July 2001