QUIS SEPARABIT?

In derven en verwerven
Gevoelen zij uw hand;
In leven en in sterven
Blijft U hun hart verpand;
Hoe vaak zij ’t ook verkerven,
Gij maakt hen nooit te schand,
Die ’t heillot zullen erven
Van ’t hemelsch vaderland.

Wat zal van U hen scheuren,
Die uwe kindren zijn?
Geen lijden en geen treuren,
Geen lijfs- of zielepijn;
Wat zorg hun vrede steuren,
Wat wolk den zonneschijn,
Daar zij het hoofd in beuren,
Die zeggen: „Gij zijt mijn!”

„Mijn God, mijn deel, mijn leven,
„Mijn burcht, mijn schild, mijn loon;
„Gij hebt U mij gegeven
„In Christus uwen Zoon;
„U aan te mogen kleven
„Heft boven lof en hoon;
„De vrees is uitgedreven;
„De liefde zit ten troon.”


Ingezonden op: 19 July 2001