DE SCHOONSTE.

Wie immer als de schoonste zij geprezen,
Om leliewit en rozekoon:
Bevallig zijn is meer dan Rchoon te wezen;
Het vriendlijkste is het schoonste schoon.

Het statige doet zich met eerbied groeten,
ít Volmaakte, met bewondering;
Maar ít hart ontsluit waar wij de lieve ontmoeten,
Wier mond ten glimlachje openging;

Daar ít oogje tintlend meÍlacht met de lippen,
En ít handje minzaam toegestrekt,
Als ít zich vanzelf in onze hand laat glippen,
De zachtste ontroeringen verwekt.

Moog dan de kroon der schoonheid hoofden sieren,
Des kunstnaars hand en marmer waard;
De schoonste roos, die in mijn hof wil tieren,
Wordt voor de vriendlijkste bewaard.


Ingezonden op: 19 July 2001