TELEURSTELLING.

„’k Trad moedig op, maar bleef alleen.
„Van vriend en geestverwant niet één
„Gezind tot volgen of mijn zijde te bekleeden.
„Thans draaft een gansche kudde in ’t eens versmade spoor;
„Maar niemand gunt mij de eer voorop te zijn getreden;
„’t Is eigne wijsheid nu, die ’t goede pad verkoor!
„Wie denkt aan mijn vergeefsche schreden?”

Zoo gaat het steeds, mijn vriend! en heel de wereld door;
En — die zichzelv’ niet zocht is even weltevreden.


Ingezonden op: 19 July 2001