AAN EEN VRIJDENKER.

Gij meent dat over u de meening is verspreid,
Dat gij aan niets, volstrekt aan niets, meer zoudt gelooven.
Wat argwaan heeft uw geest misleid?
Geen lastertong, die ooit u de eer zal rooven,
Dat gij gelooft aan uw voortreflijkheid.


Ingezonden op: 19 July 2001