DE ALLES ZIENDE GOD.

O God, uw aldoordringend oog
Kan niemand ooit verblinden,
En waar ik mij verbergen moog,
Gij zult mij altoos vinden.

Al ít kwade metterdaad begaan,
Of met het hart bedreven,
Elk zondig woord, den mond ontgaan,
Staat in uw boek geschreven.

En eenmaal treedt gij in ít gericht;
Gij zult niet altijd zwijgen ;
Al dit verkeerde komt aan ít licht
En zal zijn loon verkrijgen;

Tenzij ik uw genade zoek,
Vergiffenis verwerve,
En gij mijn misdaan uit uw boek
Wilt wisschen, eer ik sterve.

Zoo ík mij mijn zonden waarlijk schaam,
Zoo zij me oprecbt doen treuren,
En í tot u kom in Jezus naam,
Zal mij dit heil gebeuren.

Maar dat ik tegen ít kwade waak
En strijde tíallen dage,
Dat blijft altijd de groote taak.
Waarin ik nooit vertrage!


Ingezonden op: 19 July 2001