Prikkebeen

J.A.A. Goeverneur pagina

XIX Hoe alles in 't eind nog wonderbaarlijk goed afloopt

[Deel XVIII Hoe Ursula uit kwaadaardigheid jammerlijk aan haar einde komt]

Hierop trekt het viertal voort
Naar 't land, waar Nel thuis behoort.
Heel genoeglijk kuiren zij
Arm in arm, in bonte rij;
Speelman huppelt voor hen uit...
O, die Speelman is zo'n guit!
Eindlijk echter op een dag,
Toen Nel's dorp al voor hun lag,
Zet de bruid zich bijster teêr,
Aan haar bruigoms zijde neer,
Aait hem, zoent hem, humt en kucht
En snikt onder diep gezucht:
`Lieve, beste schat, ik word
Nu je huisvrouw binnen kort;
Maar ... één ding verzweeg ik jou;
Weet dan, ik ben we..duw..vrouw
En heb kin..ders acht in tal. -
Zeg, dat doet toch niemendal?'
Prik trok bij dat vreemd bericht
Eerst wel een wat zuur gezicht
Maar toen hij 't zoet achttal zag
En dat hem in de armen lag,
Riep hij: `Kinders, groet en klein,
'k Wil je trouwe vader zijn'.
't Bruilofsfeest had plaats met glans. -
Prikkebeen leeft jaren thans
Kneutrig met vrouw Peternel
En is fris, gezond en wel. -
Nooit gaat er een dag voorbij
Zonder vlindervangerij.
Dikkie woont bij 't paar in huis
En leert aan al 't jong gespuis
Even druk het A.B.C.
Als hij 't aan die Prinsjes dee,
Schoon hij altijd nog zijn blok
tot gedachtnis met zich trok.
Speelman ook komt nu en dan
En heeft Doltschoff plezier, de man,
Als hij ziet, hoe 't jonge goed
Vecht, ravot en kunsten doet. -
Daarbij drinkt hij zijn glas bier ...
Dees historie eindigt HIER


[J.A.A. Goeverneur pagina] [Coster pagina]

Bezorgd door Joachim Verhagen.
Opmerkingen aan: coster@dds.nl.