Herfstregen

C.S. Adama van Scheltema

De regen kust mijn vensters weer,
De donkre winden sollen
Het droeve liedje van weleer
Langs alle huizebollen;

Een dorre tak gaat heen en weer,
En van zijn blâren rollen
De natte tranen telkens neer -
Altijd weer volgezwollen.

0: met de zon om 't hoofd gewonden,
Met geld en goed en zoet-gezind -
Wien heeft de Mei geen vreugd gezonden?

Maar in den Herfst, bij regenwind -
Zeg: heeft er één den moed gevonden - -
Ach! 'k weet - ik ben een heel laf kind!


Eerste Oogst, Derde druk, W.L. & J. Brusse's Uitgevers-Maatschappij, MCMXVII

[C.S. Adama van Scheltema pagina] [Coster pagina]

Bezorgd door Joachim Verhagen.
Opmerkingen aan: ljcoster@dds.nl.