Melancholische monoloog

C. S. Adama van Scheltema

't Is triestig in den leegen morgen,
 Ik heb het, geloof ik, verbruid,
Alleen de Zon is zonder zorgen -
 Lacht goedig de wereld wat uit.

Ai jij daar! rijke mooie moeder!
 Die je nooit aan 'n sterveling stoort,
Ik ben hier maar een arme loeder
 En moet door de wereld nog voort!

't Is maklijk om zoo'n Aard te maken,
 Je bent er licht binnen gerold, -
De vraag is hoe ze verder raken,
 Hoe 'n drommel de wereld doortolt!

Zie jij den boel beneê maar draaien,
 De kiekens maar al in de weer! -
Niewaar? jij denkt: - laat ze maar waaien,
 't Komt toch altijd op 't zelfde neer!

't Is triestig in den leegen morgen - -
 Jij daarboven! lach ze maar uit!
Met al er jammerlijke zorgen
 Gaat de wereld toch langzaam vooruit!


Van zon en zomer, 1902

[C. S. Adama van Scheltema pagina] [Coster pagina]

Bezorgd door Joachim Verhagen (J.C.D.Verhagen@fys.ruu.nl).
Opmerkingen aan: coster@dds.nl.