Het orgel

C. S. Adama van Scheltema

            Een orgel! - hoor!
            Dat klotst in je oor
            En door je bloed -
            Dat doet je goed
            Zoo'n oude dreun! -
            Dat's nog die deun
            Van - wacht - nee - och
            Waarachtig toch:
            Dat is zooals
            Die ouwe wals
            Van eens - van - ah!
            Van jonge ja -
     Van toen - van toen - van toen -!

            Wat klinkt dat kwiek
            Die dansmuziek,
            Die pas van drie, -
            Nou sapristi
            Vooruit: probeer
            Nog 's ouwe heer!
            Hoe lang is 't nou -?
            Wat gaat dat gauw
            Naar de ouwe dag -!
            Wat zag ze - - ach
            Dat 's flauwigheid!
            Zoo is 't altijd -
Honneur aux dames - aux dames - aux dames -!

            Nou opgepast:-
            Hoe was 't -? zoo was 't -!
            Zoo: - voet bij voet -
            Dan die - dat 's goed -
            Draai door - draai door! - -
            Verduveld hoor
            Dat ouwe lied -!
            Dat gaat je niet
            Meer uit je kop -
            Dat vreet je op
            En overal - -
            Ach ben je mal! -
      Wat fiedelt - fiedelt - fiedelt dat!

            Wat hard geluid!
            Wat klinkt dat uit
            Zoo'n orgel plat -
            Zoo'n draaiend rad,
            Zoo'n rammelkast, -
            En toch: - zoo was 't - -
            Zoo langzaam aan -
            Dat lichte gaan -
            De leuke zwier -
            Dat zoet pleizier -
            Dat zacht genot -
            Dat - God! ach God!
        Stakkert - stakkert - stakkert -!


Uit stilte en strijd, 1909

[C. S. Adama van Scheltema pagina] [Coster pagina]

Bezorgd door Joachim Verhagen (J.C.D.Verhagen@fys.ruu.nl).
Opmerkingen aan: coster@dds.nl.