De stilte

C. S. Adama van Scheltema

Min de stilte in uw wezen,
 Zoek de stilte die bezielt,
Zij die alle stilte vreezen
Hebben nooit hun hart gelezen,
 Hebben nooit geknield.

Draag uw kleinen levenszegen
 Naar het droomenlooze land,
Lijk de golve' heur oogst bewegen -
Tot zij zachtjes breken tegen
 Het doodstille strand.

Zie den boom de paden tooien
 Rondom zijnen stillen voet,
Laat uw ziel zich zoo ontplooien
En haar bloemen om zich strooien
 Uit een vroom gemoed.

Leer u aan de stilte laven:
 Waar het leven u geleidt -
Zij is uwe veil'ge haven,
Want zij is de groote gave
 Van de Eeuwigheid.

Sluit de stilte in uw gaarde,
 Wees in haar gelukkig kind:
Al wie ze aan haar schoot vergaarde -
 Alle zaligen op aarde
 Hebben haar bemind.


Uit stilte en strijd, 1909

[C. S. Adama van Scheltema pagina] [Coster pagina]

Bezorgd door Joachim Verhagen (J.C.D.Verhagen@fys.ruu.nl).
Opmerkingen aan: coster@dds.nl.