J.A. dèr Mouw

Bevrijding (IX)

De ontzetting soms, ver, uit de diepste schacht
Van de erfenis, als de avondschemering
Naar dageraad van tijd de herinnering
Terug doet flikk'ren van mijn voorgeslacht:

Ik ruik de bloed'ge wet van 't: Sterf of slacht,
Wanneer mijn ogen, wijd, de tinteling
Van 't laatste licht opzuigend, ieder ding
Zien als een dreiging van vijand'ge nacht.

Het fonkelt; en het schuifelt. - 'T ligt nu stil;
En loert, geduldig. Tussen bladgetril
In koude wind glimt blauw een fosferstraal:

Herlevend, wat 't verleden van mijn stam
Joeg naar de grot, vol licht van veil'ge vlam,
Vlucht, vlucht naar huis mijn angst primordiaal.


Bundel: Brahman I
Ingezonden door Piet Bron
HTML: Marc van Oostendorp, voor het project Laurens Jz. Coster