J.A. dèr Mouw

Om één jaar jong te zijn

Om één jaar jong te zijn, gaf 'k ziel en God,
Ik, die geluksdorst met ekstazen les:
Ja, ja stompzinnig ergens in de Nes
Met dronken prolen slaan de boel kapot,

Dan met een meid naar bed, en van genot
Schreeuwen en schreeuwen doen, een keer of zes:
'K zou Brahman, vond ik Mephistopheles,
Zelfs ruilen voor Jehova Zebaoth.

En deze wens, die christ'lijkheid verbant
En ik aanvaard, is Brahman's and're kant:
Hem kreeg ik steeds terug, bij ied're ruil.

Zo handhaaft zich het eeuwig evenwicht:
Een helft van de aarde is donker, de and're licht;
Lag er geen drek om heil'ge Simeon's zuil?


Bundel: Nagelaten Gedichten
Ingezonden door Piet Bron
HTML: Marc van Oostendorp, voor het project Laurens Jz. Coster