J.A. dèr Mouw

't Is lang geleden (4)

Die Joden - Ja; die waren vreeslijk raar.
En lelijk ook; heel zelden zag je mooien.
En zo opzichtig! Jurken schots-bont-rooien
Trokken de meisjes aan, niet Zondags, maar

Op Zaterdag. En 't was ook stellig waar,
Want iemand had 't gezien, dat ze de dooien
Zonder gevoel zo van de trappen gooien,
Wanneer ze op Sabbat sterven. Dat was naar.

Een Joodje op school - Koos heette hij - had gezegd,
Dat hij me een goud horloge geven zou.

Ze lachten thuis, dat ik 't geloofde. Nou:
Hij zei het wel, maar dee 't niet. Dat was slecht.

Dat ze in de hemel kwamen, kòn 'k niet wensen.
Hoewel - je weet niet - Joden zijn ook mensen.


Bundel: Nagelaten Gedichten
Ingezonden door Piet Bron
HTML: Marc van Oostendorp, voor het project Laurens Jz. Coster