Touter- of schommelrijmen

Baker- en Kinderrijmen

  Wippen
Horte page,
Ziegezage,
Op en neêr,
Heen en weêr.

1

    Eén, twee, drie,
  Mijn zuster hiet Marie,
En als ze geen Marie en hiet,
Dan hiet ze één, twee, drie.
Ik geef den boer een harden stoot,
Dat hij van de wip af vloog,
Van de wip al in de sloot;
    Jan Dirks is dood.
Waar leit hij begraven?
Onder de Delftsche haven,
Onder de Delftsche vliet,
Waar je nooit menschen ziet.
Juffrouw, met verlof,
Jou voetjes zijn met stof,
Blief je wat te geven,
Dan zal ik je voetjes vegen;
   Eén, twee, drie,
enz.

2

(Zeeuwsch)
Schippertje 'oudt er je toutertje vast,
Dat je niet in de kaaie valt;
Al in de kaaie daar lag een sloot
Daar waren twee arme schippertjes dood,
Die wouën gaan varen naar Bresjes,
Daar wone twee tooveresjes,
Wat aten ze daar? Kaas en brood,
Zoetemelk en wittebrood,
Al met een zilver lepeltje,
Al uit een zilver kommetje.
Koei's poot, paard's poot,
Nog eenen snok, nog eenen snok,
En laat ze dan maar vliegen!

3

Schommel, schommel, Joosje,
  Jan Dirks is dood;
Jan Dirkse van Kadijke
Maakt de mensche rijke.
  Jonge Jan, ouwe Jan,
  Pieter Klaas de timmerman,
  Timmer mij een huisje,
  Op het steenen sluisje.
  Op het steenen kerkhof,
  Slaan ze mekaâr den kop af.

4

(Zaanstreek)
Schommel, schommel meie,
De bruid die komt van Leien,
Als de bruid van Leien komt,
Dan leggen we groote vuren aan,
Van heeden, van scheeden,
Daar gaat de bruid bij zitten.
Bruid, bruid, waar is je man?
Achter in den paardenstal.
     Wat doet hij daar?
     Koeien verkoopen,
     Kalvers koopen,
Zeg dat Louw reis thuis komt.
Louw is dood, Louw is dood,
Leg hem in zijn kistje,
Zet hem dan een slaapmuts op,
Dan lijkt hij een mennistje.
Eén mennist, twee mennist,
Morgen in de doodkist.
Wie zal hem begraven?
't Mannetje van Arkedaven.
Wie zal hem beluien?
't Mannetje van Arkeduien.
Wie zal hem naar 't kerkhof brengen?
Jonge jan, ouwe Jan,
Pieter, Klaas de timmerman,
  Timmer mij een huisje,
  Op het steenen sluisje.
  Op het steenen kerkhof,
  Slaan ze mekaâr den kop af.

5

(Zaanstreek)
Schommel, schommel, Joosje,
Met je vergulde doosje.
Te Alkmaar in de hooge straat
Slaan de klokjes vijve;
Als de klokken vijve slaan,
Dan komt juffrouw Elizabeth aan.
Juffrouw Elizabeth vooruit,
Juffrouw Elizabeth achteruit,
Met haar kindertjes in de schuit.
Hoe zullen ze hieten?
Sinneke, Sinneke Piete,
Sinneke, Sinneke Adriaan,
Laat de schommel zijn gang uitgaan.

6

Intele, tintele, tentele,
Daar vlogen zeven entelen,
Zeven entele van margriet,
Margriet zat in den hemel,
Ze vaart thans op een kemel,
Ze vaart thans op een bonte koe.
Snip, snap, waar ga je naar toe?
We gaan naar 't hooge watertje toe,
Hoog watertje, beladen
Met zeventien gouden bladen,
Met zeventien gouden deuren.
Daar stond een juffertje in de deur,
Die had een gouden boezelaar veur
Boezelaar liet ze vallen,
Al over de Tolsche wallen;
Hij waait al over den hoogsten boom
De hoogste boom die kraakte.
Manneke stond te wachten.
Mijn neefje, mijn nichtje,
Mijn neefje had een dikke buik,
Mijn neefje moest de poort uit,
Heel uit, half uit,
Mijn neefje moest de poort uit.

7

    Schoppelooten,
    Dirksendooten,
  Dirksen van Koedijke,
    Joosje, Joosje Rijke;
Joosje is een goeie man,
Die zijn kostje winnen kan.

8

        Schoppe, schoppe, meien,
        De bruid die komt van Leien,
        Van Leien komt de bruid.
          Van boter en kaas,
          Van kaas en brood,
          Nog één toestoot.
Laat loopen de schop; wie zit er op?
Blieft mijnheer (of mejuffer) er af te gaan,
Dat een ander er op kan gaan?

9

    Touter,
Klaas Wouter,
Klaas Annemeui's poot,
Wie is er dood?
Een olde man,
Die niet langer leven kan.
Wat lust hij dan?
Spek en eiers in de pan.
De pan die kon niet duren,
Toen liepen ze naar de buren;
De buren waren niet thuis,
Toen liepen ze naar hun eigen huis;
De huisdeur die zat toe,
Toen liepen ze naar de bonte koe;
De bonte koe woû stooten,
Toen grepen ze 'r bij de pooten;
De pooten waren zoo rond,
Toen vielen ze met de neus op den grond.

10

  Achter op mijn meujes plaats,
  Daar staat een balie met water.
Wat zullen we met dat water doen?
      Hempjes wasschen.
Wat zullen wij met die hempjes doen?
      Kindjes aantrekken.
Wat zullen we met die kindjes doen?
      Schop ze, dat ze vliegen
  Van 't Oosten naar 't Westen.
  Al die niet van 't touw afgaat,
  Die zal een leugert wezen.

11

(Venloo)
Kelfke, kelfke weije
Den hiëlen daag,
Den halven daag,
Door die zoete weije,
Zoo lang als kelfke weije maag.
Is et vet, dat geit et mei,
Is et mager, dan blief et in de wei.
Gèf kiës, gèf broëd,
Gèf einen dikke vette stoët.

12

Bloed, bloed, varken,
Wij rijden naar de marke,
Wij rijden naar ons oome's huis;
Oome's huis staat in den brand.
Wie heeft dat gedaan?
Twee eine-piekjes,
Die daar op den weg staan.
Wat zullen wij met die piekjes doen?
Eierkes leggen.
Wat zullen wij met die eierkes doen?
Pannekoeken bakken.
Wat zullen wij met die pannekoeken doen?
Kinderkes geven.
Wat zullen wij met die kinderkes doen?
Naar schole, naar schole!
Lang, lang leeren,
Dan worden het wijze heeren.

13

Daar zat een wevertje op zijn getouw,
Hij wist niet wat hij weven zou;
Hij weefde een ditje, hij weefde een datje,
Hij weefde een kussentje onder zijn gatje.

14

Wie zit daar op den toren?
      Jantje.
Wat doet hij daar?
  Leisels zoeken.
Wat doet hij daarmeê?
  Toompjes breien.
Wat doet hij daarmeê?
  Paardjes leien.
Wat doet hij daarmeê?
  Steentjes halen.
Wat doet hij met die steentjes?
  Huisjes bouwen.
Wat doet hij met die huisjes?
  Kippen houën.
Wat doet hij met die kippen?
  Eiers leggen.
Wat doet hij met die eiers?
  Pannekoeken bakken,
Wat doet hij met die pannekoeken.
  Opeten en uitpoepen.

15

Daar binnen, daar buiten,
Daar liggen twee oude schuiten.
Wat ligt er in die eene schuit?
   Een tobbe.
Wat ligt er in die tobbe?
   Een emmer.
Wat ligt er in dien emmer?
   Een pot.
Wat ligt er in die pot?
   Een tonnetje.
Wat ligt er in dat tonnetje?
   Een lepel.
Wat ligt er in dien lepel?
   Een ei.
Wat ligt er in het ei?
Twee kruimeltjes wittebrood,
Twee kruimeltjes roggebrood.
Roer-omme, roer-omme!
Dat al de vogeltjes zongen.


<p align=center>[<a target="_top" href="indext.html">Baker- en Kinderrijmen pagina</a>] [<a target="_top" href="/~ljcoster/indext.html">Coster pagina</a>]</p> <p>Bezorgd door <a target="_top" href="http://www.xs4all.nl/~jcdverha/">Joachim Verhagen</a>.<br> Opmerkingen aan: <A HREF="mailto:coster@dds.nl"><em>coster@dds.nl</em></A>.<br>