By vlekloos bloed een stiel en needrig lot:
Een peinzend oog, doorstraald van zacht genoegen;
Een juist verstand, een hart, vervult met God;
En kalmen moed by zielevreê te voegen:
Zie daar wat meer dan t weeldrig vreugdgenot,
Dan al de roem van t noeste letterploegen,
Dan mijnroof is, waarom de harten zwoegen.
Maar dien de dood, de zorg, de vrees, bespot!
O dierbre gift van vlijt noch lotgeval,
Maar van den Bouw- en Vrijheer van t Heelal.
Wie dankt voor u, wie voelde u ooit naar waarde!
Dien schokk de storm of blaak de Zuiderzon;
Hy derft geen steun, geen zuivre lavingbron,
Maar overleeft den val der zinkende Aarde.
Bron: De dichtwerken van Mr.Willem Bilderdijk door J. van
Vloten. Vierde deel. Amsterdam: E. & M. Cohen.
Ingezonden door Piet Bron
HTML: Marc van Oostendorp, voor het project Laurens Jz. Coster