Hy trachte Alcides arm den ijzren kolf te ontrukken,
Die u den palm der kunst in t
Dichtrenperk ontzegt!
Wie roekloos zich verheffe, om schandlijk te bukken,
Die fier voor t zijne staat, betwist geen
hooger recht.
Verdenk dus, dierbre Vriend, geen ongepast trotseeren,
Zoo u mijn zwakke pen dit lutter verzen biedt:
(Men durfde Alcioüs een handvol oofts vereeren!)
Het is een Vriendengaaf, de gift der eerzucht niet.
1786.
Ingezonden: 25 september 1997