van Grootbrittanje.
God geeft aan de Overheên geen
scepterstaf om niet:
Hun troon behoort aan Hem die tijd en lot gebiedt
Geen Vorst, die, vordert hy de Trouw van de Onderzaten,
De dienst zijns Overheers een oogwenk durv verlaten!
Stadhouder van dien God, bescherm hy zijn gezag
In t staven van die Wet, waar door hy heerschen mag;
Geen eigen willekeur bestier hem in t regeeren:
Gods voorschrift is slechts één voor volk en opperheeren.
Hy zij gerecht, getrouw, standvastig in zijn plicht:
Loon braafheid, zorg voor elk, en wake tegen de
euvelen,
En wandele onbevlekt voor t Heilig Aangezicht,
En steune op God-alleen in leven beide en sneuvelen!
1804.
Ingezonden: 23 september 1997