Willem Bilderdyk (1756-1831)

Oprechtheid.

Sun, zwel wort eren wol den man.
                              W I N S B E C K.

In twee woorden, lieve zoon,
Spreidt de braafheid zich ten toon;
Zijn ze u heilig t'allen tijd,
Dat ge uw afkomst waardig zijt!
't Een is JA; het ander, NEEN.
Als een fijne flonkersteen
Door den kenner hooggeschatst,
En in 't zuiverst goud gekast,
Siert WAARACHTIGHEID den mond.
En bewijst het hart gezond.
Doch waar 't hart het JA niet meent,
Met de lippem onvereend,
Of aan 't geen het sprak, ontbreekt;
Hou den valschaart die het spreekt,
Met zijn ingewikkeld neen,
Voor geen mensch tot op het been
Windzucht zit hem onder 't vel,
En die sleept hem naar……

      1824.

   Uit Winbecks oud Frankisch.

NB. De plaats wordt ook in het Glossarium Gothicum van Fr. Junius aangehaald, door daar zijn er twee misslagen, in op te merken. Naamlijk dat, in regel 5 van de aanhaling, Wie staat voor Nie, en in de volgorde, gewer wort voor gewere wort, d.i. waarachtige woorden.


E-Mail: J.R. van Wijk

Ingezonden: 9 augustus 1997