Willem Bilderdyk (1756-1831)

Fabel. De Kreeft.

   Waarom zou ’t weezen, vroeg de Kreeft,
   Dat my het Lot verordend heeft,
Om dus met krabbelende poten
   Op zij’ of achterwaarts te gaan? —
    ’t Is, zei de slang die ’t had verstaan,
Op dat ge nooit den kop zoudt stooten:
    Want niemant wandelt recht vooruit,
Of vindt den weg bezaaid met steenen;
    Waarop men ’t hoofd te barsten stuit.
    De beste weg naar baat of buit,
"Is altijd langs een opweg henen.

      1825.


E-Mail: J.R. van Wijk

Ingezonden: 18 augustus 1997