(van Franciscus van Assise.)
Franciscus naast zijn sneeuwen vrouw,
Had grooten hinder van de kou;
Maar, vastgegrepen in zijne armen,
Voelt hy die kou hem t hart verwarmen.
Zoo heeft ook de armoê rijkdom in
Voor d ernstig dankbren Christenzin,
En t lijden stroomt van zielsgenoegen
Voor die zijn hart naar God leert voegen.
Ja t nijpen van de wareldsmart
Ontgloeit de levensvonk van t hart.
1822.
Ingezonden: 15 september 1997