DEN DESEN EEN REUCK DES DOOTS, TER DOOT: EN DEN GENEN EEN REUCK DES LEVENS, TEN LEVEN.

Daer wort een seker visch hier uyt de zee getogen,
Daer, by een handig mensch, wort voetsel uyt gesogen;
Maer die het selsaem dier niet recht en heeft gevat,
Die raest gelijck een hout, oock schoon hy niet en at.
Siet, wat misbruicken werckt. Het boeck van God geschreven
Doot somtijts die het leest, en siet! ’t is enckel leven:
Daer ’t Bietje suycker vint, juyst uyt dat eygen kruyt,
Daer suyght de vuyle Spin vergiftigh voetsel uyt.


Ingezonden op: Thursday 19 July 2001