ISAÄC DA COSTA (1798-1860)

              G E L U K W E N S C H

            AAN ONZE HOOG GESCHATTE VRIENDEN

            DEN HEER J. BOSBOOM

                                                  EN

MEJONKVROUW A. L. G. TOUSSAINT,

           OP DEN DAG HUNNER ECHTVERBINDTENIS.

Geen roem aan roem gehuwd, geen stoute schildergeest
aan schildrend dichtgenie in naam der kunst verbonden,
zou hier aan d’ eisch voldoen van ’t zalig huwlijksfeest,
wiens fakkels louter heil voor hart en huis verkonden.
Neen! hooger steeg de wensch en dieper reikte uw zucht,
en gelden deed uw hart hier veel verheevner rechten
dan te oogsten onverdeeld een dubblen glorievrucht,
of tot éénzelfde krans uw lauwren saam te vlechten.
Waar liefde ’t hart beheerscht, smelt liefde ziel aan ziel
te zamen in een vlam, die verder wil dan d’ aarde;
en ook de hoogste kunst, waar deze liefde viel,
biedt slechts haar diensten aan, vergetende eigen waarde.
Toch blijft er nog één plaats voor hooger gloed en goed:
de plaats die Hy-allen kan heilgen en vervullen,
die wijn uit water schiep te Cana, uit Zijn bloed
het niet verganklijk heil op Golgotha. Zy zullen
van deze zaligheid, by ’s levens hoogst genot,
by ’s levens bangsten strijd, al roemende getuigen,
die hongerend naar vrede en dorstende naar God,
voor Christus ééngen naam des harten kniën buigen!

Met dezen zij uw deel, o Bruidegom en Bruid! —
Van Oosterzee, dees dag by plechtige orgelgalmen,
gezuis van stil gebed, en roerend psalmgeluid,
legt in zijns Meesters naam met uitgebreide palmen,
   dien zegen, zeegnend, op uw hoofd! —
      Aanbidt alleenlijk en gelooft!


E-Mail: J.R. van Wijk

Ingezonden: 26 mei 1997.