God riep Napoleon, om t ondier te verdelgen,
dat, zwellende van roof, en rood van Koningsbloed,
met d opgesparden muil Europa in ging zwelgen,
daar t machtloos nederviel voor t Fransche helgebroed!
Napoleon verrijst. Hy temt dien schrik der aarde,
t omwentlings-wangedrocht, dat voor zijn blikken zwicht!
Maar, dwaas als Isrels Vorst, die vloekbren Agag spaarde,
doorrijgt zijn lans hem niet, maar laat hem t levenslicht!
Het monster biedt den held zijn scherp gewette dolken
en aardbedwelmend gif, dei weldaad tot een loon!
Ja! t gaat met hem ter jacht op koningen en volken
en rust in schaduw van den keizerlijken troon!
Gods Almacht spoedt ter wraak. De schittrende viktorie
verlaat hem. Juich! Euroop! Onthef u aan den schrik!
Aan uw tiran ontviel zijn kroon, zijn macht, zijn glorie
maar, wraakgeschreeuw der aard! Zwijg by zijn laatsten snik!
Ingezonden: 15 juni 1997.