* 148             

Slapende  botten

     Ten halven afgewrocht,
ontvangen, niet geboren;
     gevonden algeheel,
noch algeheel verloren,
     zoo ligt er menig rijm
onvast in mij, en beidt
     den aangenamen tijd
van volle uitspreekbaarheid.

     Zoo slaapt de botte in t hout,
verdonkerd en verdoken;
     geen blomme en is er ooit,
geen blad eruit gebroken;
     maar blad en blomme en al
het ligt erin, en beidt
     den dag, den dageraad...
de barensveerdigheid.

28/4/1895


Ingezonden door Constant Broos voor het Project Laurens Jz. Coster