O O R L O G E       

t Is oorloge, oorloge is t,
daar menschen zijn, en dieren;
      t gevecht zit al dat leeft,
      geboortevast, in t been:
beweertuigd is het ros,
bewapend staan de stieren
      afgrijslijk; hond en kat
      strijdzuchtig zijn. Het kleen
zoet honingbietje weet
zijn gif te laten leken
      in s vijands wonden; t weet
      zijn moordend mes hem, en
zijn' bitterheid, in t lijf
zoo nijdig neêr te steken,
      dat ook het zoete zeem
      onzoet hem smaken zal!
De duive, zonder haat,
het lam, dat liete em binden;
      t onbooze keverken,
      het nietje zonder straal;
wie, zonder krijgsgeweld,
wie zal t, o Heere, vinden,
      dat onkamplustig is,
      dat vrij van de oude kwaal?
t Is oorloge, oorloge is t,
daar menschen zijn; de dieren
      verscheuren ondereen
      malkanderen; de dood
tot in de wolken zit
en spiedt mij!... Goedertieren
      Verlosser, vrede zijn,
      waar zal t? - In uwen schoot!

29/4/1895


Ingezonden door Constant Broos voor het Project Laurens Jz. Coster