W O L K E N S N E E        

Geen zwanendons, geen witte zaan,
op verschgemolken melk ontstaan,
geen snee en blinkt, geen lammervel,
als wolkensnee, mij half zoo hel.

"t Is snee die bloeit," zoo dicht het volk:
"dat onbevlekt, alwit gewolk
is wolkensnee. Geen snee en groeit
zoo wit als witte snee, die bloeit."

Het blinkt daarin een' helderheid,
zoo wit en wordt geen wol bereid;
zoo wit en kan, dat wete ik vast,
gewasschen hij, die lijndoek wascht.

o Wolkensnee, zoo wit als schuim
van zuivel of van zilver, t ruim
des hemels schijnt één weefgewaad,
van zonnelicht en zijdendraad.

n Lage er nooit maar zulke n snee
in t hemelsblauw mijns levens, wee
noch wolken: altijd zomerwit,
- daar t dikwijls nu zoo duister zit!

10/2/1897


Ingezonden door Constant Broos voor het Project Laurens Jz. Coster