SCHOONHEID

Hoe schoon zijn de ongekunstenaarde
boomen, die
k erkenbaar uit elkander, in den
hemel zie
geschoten staan, en dragende elk een
beeltenis,
daar t werken van Gods hand nog aan te
vinden is!

Hoe schoon is, ongeschonden, in de
zonnenkracht,
t wijduitgespreide bouwsel van de
boomenpracht,
ten toppen uitgedreven, en, van
dracht, alzoo t
de Schepper
eerst, beminnende, uit zijn'
handen goot!

Het was alzoo geschapen en, van
God gemaakt:
waaromme en laat ge t, mensch, door u niet
aangeraakt,
geworden
, t onverbeterbare en
t schoonste van
de schoonheid, daar geen menschenhand ooit
aan en kan
?


Guido Gezelle
(1/10/1896)


Toelichting

ongekunstenaard (kunstenaar -> gekunstenaard -> ongekunstenaard) = niet gesnoeid
daar... aan = waaraan
alzoo t... = zoals de Schepper het...
van = door
waaromme en laat ge t... niet geworden = waarom laat ge het niet vrij groeien
daar geen menschenhand ooit aan en kan = dat geen mensenhand ooit kan evenaren
Ingezonden door Constant Broos
HTML: Marc van Oostendorp, voor het Project Laurens Jz. Coster