Herman Gorter

De dag gaat open als een gouden roos

De dag gaat open als een gouden roos;
ik sta aan 't raam en zend mijn adem uit,
het veld is stil, en nauwlijks één geluid
breekt naar het koepelblauw bij tussenpoos.

En in mijn kamer, als een donkre doos,
waarvoor de parels hangen aan de ruit,
ga 'k heen en weer, tot waar mijn wandling stuit
en ik bij donkren wand stil peinzend poos.

Ik heb 't gevonden, het mensengeluk,
als moest ik worden vier en dertig jaar
eer ik het vond, en ging veel trachten stuk
in spannend worstlen en ijdel gebaar.
Maar zo zeker als daarbuiten de zon de
wereld befloerst, heb ik 't geluk gevonden.


Bron: De 200 bekendste, mooiste ... sonnetten, samenstelling Robert-Henk Zuidinga. - Amsterdam: Sijthoff, 1985.
Ingezonden door Piet Bron
HTML: Marc van Oostendorp, voor het project Laurens Jz. Coster