DE grijze lucht als een satijnen waaier
die koel de lucht waait met weinige tranen,
een slappe weeke waaier, zeegrijswaaier,
die langs de wangen waait de natte tranen.

Flapperend staan de waggelende lanen
aaiende bladen, 't òpklappend geblaaier,
pralend groen waait de trantelende wanen
langs boomehage' wankelvoete maaier.

Satijnen lucht is troebel en onklaar,
de regen valt omlaag vol en klaar.


 
Terug

Vooruit
 
Herman Gorter, Verzen 1890.