Rosalie Loveling

2e gedeelte Uwe Tweede Vrouw

Ja, dat was ook waar, gij hadt wel uwe gewone bezigheden, en zelfs zekere vermaken hernomen; men zag u in de opera en in concerten. Elken avond gingt gij in uwe maatschappij uwe sigaar rooken, de nieuwsbladen lezen, op het biljart spelen, of stondt het spel van anderen na te zien: uw liefderijk gemoed had de bovenhand over uwen rampspoed gekregen; gij waart uw eigen zelf weder; maar tehuis, waar ge toch het gelukkigst haddet moeten zijn, daar ontbrak u wel veel! Ja uwe naastbestaanden en vrienden hadden gelijk: daar ontbrak de meesteres des huizes, de moeder der kinderen; - en de gedachte aan een tweede huwelijk begon u min af te schrikken. Misschien wel omdat, zonder gij het zelve wist, reeds een vrouwenbeeld, duister en onduidelijk, en als door den nevel der toekomst gezien, u bij die gedachte voor den geest kwam zweven.

Bij uwen vriend en oud-schoolmakker, den arrondissements-commissaris, woonde sedert een paar jaar eene jonge vreemdelinge, die daar als gouvernante voor de twee dochtertjes gekomen was. Deze hadden, in stad op school, al hare klassen gedaan, en hare moeder, eene zenuwachtige, altijd ziekelijke vrouw, had er niet toe kunnen besluiten de meisjes naar eene kostschool te zenden, om er hare opvoeding te voltrekken. De vreemde juffrouw werd hiermede gelast, en daarna zou zij, wat de kranke moeder niet doen kon, hare leerlingen in de wereld opleiden.

Met deze jonge dame waart gij meer dan eens in gezelschap geweest, meer dan eens hadt gij hare niet machtige, maar lieflijke stem gehoord, en haar gezang had u steeds aangegrepen. Haar uitmuntend talent op het orgel wist gij, die een geoefend oor hebt, te waardeeren, en het deed u altijd genoegen haar uwe bewondering daarover uit te drukken. In het gesprek scheen zij u bescheiden zonder dwaze schroomvalligheid, en het was u immer lief, wanneer er bij den arrondissements-commissaris een dîner gegeven werd, uwe plaats aan tafel nevens de hare aangeduid te vinden.

Dat was de vrouw, die u voor den geest zweefde, telkenmale gij aan hertrouwen dacht, en hoe meer uwe natuurlijke sympathie voor haar toenam, hoemeer de rede zelve u zegde, dat dit de vrouw was, die u tehuis ontbrak en naar welke gij zocht.

Zij wordt door uwen vriend en zijne vrouw geacht en naar waarde geschat; zij spreken van haar met den grootsten lof; gij zelve ziet, hoe zij de ziekelijke vrouw van alle mogelijke huiszorgen ontlast. De meisjes, wier opvoeding zij bestuurt, zijn haar innig verkleefd: een treffend voorbeeld, dat u duidelijk aantoont, dat het niet onmogelijk is voor eene vrouw kinderen lief te hebben, die niet de hare zijn. Overigens, zij is niet jong meer, en in dit geval schijnt het een voordeel te wezen; zij is wel vijf en twintig jaar oud, en dus ten volle geschikt om van den beginne af de rol van huismoeder te vervullen.

Een zonderling toeval: zij draagt den naam uwer eerste vrouw.