Virginie Loveling

Grootmoeders portret Uit: Gedichten, 1870

In grootmoeders kamer daar hangt het beeld
Uit hare kinderjaren:
Een lachend mondje, peerlenoog
En bruine kroezelharen.

De kinderen stonden en staarden 't aan,
En 't een zeî aan het ander:
"Och, waar' dat schoone kindje hier,
Wij speelden met malkander!"

En de oude in haar leunstoel met bril en toer,
Keek op bij deze rede:
"Wie zou dat schoone kindje zijn?...
Gij speelt er altijd mede."