Tempel en Kruis - H. Marsman


- IV -

Terwijl hij loopt,
ziet hij een vage maan
genesteld in den kroon
der teedre voorjaarsbomen
en merkt niet dat hij gaat
door het verlicht ravijn
dat uitmondt op 't skelet
der zwarte kathedraal,
een monsterlijke rots,
die uit den oertijd opstijgt in den nacht.

hij denkt:
'zonder die mastodont geen heden,
zonder de dom geen stad, zonder die spil
geen wentlend firmament,'
geen dierenriem, geen babylonisch jaar
dat zijn getal in 't aantal poorten sloeg
van 't colosseum, en in de kralen
van den rozenkrans'.
en dralend langs het plein,
voert hij gedachteloos het rode beest
zijn avondbrieven, en ziet den melkweg
duizlen langs den trans.

Het was donker, ...