Tempel en Kruis - H. Marsman


- VII -

'O vlees dat uzelve bevlekt
met het beurse vlees der cultuur,
wees een plant weer, een stromend wier
in de zwarte rivier der natuur.

al de woorden verdampen als dauw
en het zaad dat vruchtbaar zou zijn
in den buik van een bloeiende vrouw
verkwijnt in het knapenlijf

van den gladden hermafrodiet,
de hetaire die 't embryo doodt;
slaap niet met het intellect,
paar niet met een kouden schoot.

want nog steeds is addergebroed
de vrucht van inteelt geweest
en ook de infant van den geest
zal den weg gaan van alle vlees.

zie, de maan heeft het schrift al gevlekt
dat uw pen dreef in het papier;
ook het vers dat het merg u onttrekt
zal als gras zo kort zijn van duur.

verzink in het dal van den slaap,
in den humus der wereldgrond --
een bedwelming zonder naam,
een vergetelheid zonder grond.'

Vroeg in den morgen dwaalt hij door de stad ...