TEMPEL EN KRUIS

- = o 0 o = -

De Dierenriem

  1. De man van wien ik dit verhaal vertel
  2. De toren slaat.
  3. De nacht schrijdt voort;
  4. Terwijl hij loopt,
  5. Het was donker,
  6. De dromen gaan door zijn slaap
  7. 'O vlees dat uzelve bevlekt
  8. Vroeg in den morgen dwaalt hij door de stad.
  9. Hij dwaalt niet meer.
  10. Tederheid, leg nu uw hoofd
  11. De kamer is hoog en ruim.
  12. Na zulk een dag daalt in den nacht het vuur

- = o 0 o = -

H. Marsman, 1939.

- = o 0 o = -

Gebezigde uitgave:
"Verzamelde Gedichten", 1988, Querido, Amsterdam.

Bezorgd door Homme A. Piest,
ten bate van het Project Laurens Jansz. Coster.