WACHT

Zee, storm en duister
en eeuwigheden breken in den nacht;
mij worde dracht van firmamenten
zeer verzacht.

ik kan der vuren huiverende wacht
niet langer hoeden
ik ben gansch ontkracht

geef mij uw schemering
geef mij uw grijzen wind
 

Bron: H. Marsman, Verzameld werk Deel 1: Poëzie. Amsterdam/Bilthoven, 1938.
Ingezonden door: IJme Woensdregt