De verdeling van hoofdstukken is 'n toevoegsel van de heer Van Lennep. Ikzelf namelyk was, vooral in 1860, niet schryversachtig genoeg om zoveel reglement te brengen in m'n pleidooi, en blyf geloven dat die indeling, uit 'n letterkundig oogpunt zonder schade kon gemist worden. Juist in de onafgebroken opvolging der stukken van Droogstoppel en van Stern, ligt iets pikants dat door 't onverwachte van de overgang de lezer wakker houdt of... maakt. Doch de ondervinding leerde my dat het aanhalen van zekere passages gemakkelyk wordt gemaakt door de nummering der hoofdstukken, en ik laat daarom die indeling bestaan.

L.Jz Coster