Het is er ver vandaan dat ik alles zou afkeuren wat ik Droogstoppel in de mond leg. Hy 'hield zich niet op' met versjes van de soort als hier volgt. Welnu, ik ook niet! 't Verschil ligt in de grond waaruit zodanige tegenzin voortspruit. Dat een jong vurig naar poëzie dorstend hart, misleid door de biologie van opgedrongen letterkundery, misgrypt in z'n eerste pogingen tot uiting, en voor iets wezenlyks houdt wat ten-slotte blykt slechts ydele klank te zyn -- 'getingel en getjingel' noem ik 't in m'n Naschrift op de Bruid daarboven -- dit is te vergeven niet alleen, maar een zeer noodzakelyk verschynsel! Il faut passer par là! De eieknstam die bestemd is om gaaf droog hout te leveren, moest z'n bestaan aanvangen als sappige tak. Maar de Droogstoppels hadden nooit sap te veel, en hoefden niet te veranderen om te worden wat ze zyn: dor en onbruikbaar. Ze staan niet boven maar beneden de fout van die anderen, en zouden bovendien terstond waarde gaan hechten aan 'versjes en zulke dingen' wanneer die produktjes genoteerd stonden op de beurs.

Voor-zo-ver Droogstoppel's realistische ontboezemingen dienen kunnen om valse poëzie in de gemoederen onzer jongelingschap te knotten, beveel ik z'n boutades van harte in de aandacht van ouders, opvoeders en recensenten aan. Wat my aangaat, als ik kiezen moest tussen hem en zeker soort van verzenmakers... nu, toch koos ik hèm niet! Maar ik erken dat die rechtvardigheid me zwaar vallen zou.

L.Jz. Coster