DE TELEFOON-PAAL

Langs het eenzaam spoor
de telefoon-paal.
Hij gonst.
Er is geen ander geluid
langs het eindeloos spoor.
Een wolk drijft hoog over hem
en is onverschillig.
Het landschap ‘gaat zijn gang'...
Toch gonst de telefoon-paal dag en nacht,
onder de hemel.
Het is een verlaten pijn,
een onophoudelijke klacht...
Als wij hem horen:
ons hart breekt, in zelfpijn verloren.
We weten dat over de ganse wereld
de telefoon-paal klaagt,
alsof ons eigen smart
aan zijn draden knaagt.


Karel van den Oever
(1879-1926)


Ingezonden door Constant Broos
HTML: Marc van Oostendorp, voor het Project Laurens Jz. Coster