Voorwoord bij Aanhangsel (1881)

Piet Paaltjens

De heer Paaltjens heeft, met de hem eigen welwillendheid, ons vergund, het achterstaande gedicht aan zijn Snikken en Grimlachjes toe te voegen. Het werd door hem geplaatst, ten vorigen jare, in het Feestnummer der Vox Studiosorum, bij gelegenheid van de Leidsche maskerade, en de daaraan verbonden reunie van Oud-Studenten.

In dat Feestnummer verscheen ook de keurig overzetting van Immortelle LX (Toen Knaap mij de laatste maal knipte), die aan deze uitgave evenmin mocht ontbreken, en waarvoor alle beminnaars der Latijnse dichtkunst den heer Arena (P.P.'s boezemvriend Sand, uit Immortelle LXXII?) zeker steeds dankbaar zullen blijven.

De Uitgever

1881