Piet Paaltjens
Mijn hart was toegevroren, Mijn tranen vloeiden niet meer. Toen trof mij haar gloeiende blikstraal, En de wateren ruischten weer. O ware ik toch verdronken In den bitterzilten vloed! In liefdetranen, hoe brak ook, Te smoren, is honingzoet.
Latijnse vertaling