Jacques Perk

Een droom

Een droom - als maneschijn - in zilvren wade
En breedgewiekt, heeft mij, toen ik verwezen,
In dons gedompeld, in de rust mij baadde,
Met elpen staf een kindekijn gewezen:

Het lachte, en bij dien lach. wiens wedergade
Slechts in de zuivre zonne wordt geprezen,
Wolkte als een nevel weg al 't zwarte en kwade,
Dat in mij mort.... 't Is me in een zucht ontrezen.

Toen was ik waardig, aan die blonde slapen
Eerbiedig de eene en de andre hand te drukken,
En in den hemel van dat oog te schouwen....

Ik zag en kuste en kuste.... úw kind, geschapen
Naar úw Madonna beeld, en diep verrukken
Doorgolfde mij, o, lieflijkste aller vrouwen! -


Ingezonden door Piet Bron
HTML: Marc van Oostendorp, voor het project Laurens Jz. Coster