Jacques Perk

Herdenking (LIV)

"lndien ge een ander waart," heeft zij beleden,
"Voorwaar! ik had mij anders dan gedragen.... -
Maar, toen u de eerste maal mijn oogen zagen,
Moest ik met vriendschap reeds u tegentreden."

Ik hoor dien lach en zilv'ren woorden heden;
Hen kende ik twintig jaar in luttel dagen....
De borst zwelt, bij 't herdenken, van behagen,
Dat liefde en schoonheid mij haar minnen deden.

Zij heeft gevoeld, hoe anders ik beminde,
Dan honderd, die zich smeekend voor haar bogen;
Mijn eerbied eerde ze als een welgezinde.

Thans zal ik weder haar aanschouwen mogen,
En tot den stond, dat ik haar wedervinde,
Zweeft ze als een star, die leidt, voor biddende oogen....!


Ingezonden door Piet Bron
HTML: Marc van Oostendorp, voor het project Laurens Jz. Coster