Jacques Perk

De afgrond (LV)

Hoe kan de zon het droeve vroolijk maken!
De hoogte, ruig van rotsen, glanst en lacht, -
Daar krast een raaf, en duizenden ontwaken,
Want duizend echoos houden er de wacht:

Nu wenkt de top! nog éens met alle macht
Beproefd, door 't net van doornen te geraken....
O, God! ik duizel: dáar - daar gaapt de Nacht,
Daar spalkt het ijle de versteende kaken...!

Mij huivert! In de diepste diepte ontwaren
Mijn spiedende oogen 't grondelooze Niet,
Waar Nacht en Stilte in kille omarming paren;

O, Leven, dat in de eeuwigheid vervliet!
O, Liefde en Dood! mijn oog blijft op u staren,
Dat wel uw duister, niet uw bodem ziet!


Ingezonden door Piet Bron
HTML: Marc van Oostendorp, voor het project Laurens Jz. Coster