Jan Prins

Gesneeden Steenen V

Ik wil in marmeren gedichten
uw beeld in mij bestendigd zien,
ik wil de liefde, die ik dien,
in mij dit eenige outer stichten,
ik wil voorgoed aan u verplichten
čn wie gezegend zijn, čn wien
dit heil ontbreekt, - en wie misschien
zich weren mochten toch doen zwichten.

Ik wil, - maar ach, ik wil uwe oogen,
ik wil uw hoofd op mij gebogen,
ik wil de weldaad van uw mond, -
ik wil in uw vertroostende armen
mijn afgehunkerd hart verwarmen, -
alsof daarbuiten niets bestond.


Uit de bundel: Verschijningen Ingezonden door Piet Bron
HTML: Marc van Oostendorp, voor het project Laurens Jz. Coster