Jan Prins

Tulpen

Gij die, op uw steel gestegen,
schijnt te zijn uit zon gedegen,
die met uw doorvlamd gewaad
Drachtig in de velden staat,

gij die, nog in 't morgendoomen,
tegen vroege-voorjaarsboomen
ijl de verten bloeit en brandt, -
in de verten van mijn land,

in de verten, waar de scholen
witgedekte wolken dolen,
waar de wereld in het rond
uitligt aan den horizont, -

in de statige avonduren
ligt gij met de wijde vuren
uwer levensheerlijkheid
voor mijne oogen uitgespreid, -

en nog diep in kalme nachten
zien, herdenkend, mijn gedachten
u bij menigten geplant
in de schoonheid van mijn land.


Uit de bundel: Verschijningen Ingezonden door Piet Bron
HTML: Marc van Oostendorp, voor het project Laurens Jz. Coster