'k Heb u in smert

Prosper van Langendonck

'k Heb u in smert gebaard en toch ontvangen
met dubble vreugde, u aan mijn levensgloed
verwarmd, als telgjes nog zoo blij gebroet
hoe wranger pijn den moederschoot mocht prangen.

'k Heb u met liefde omgeven, u gevoed
door 't rustloos zwoegen van mijn zielsverlangen,
de matheid van uw wassig weeke wangen
met 't rood dooraderd van mijn hertebloed.

Waarom, wen al mijn geestdrift in uw gloeide,
wen heel mijn leven in uw leven vloeide,
in u mijn innigste wezen overging,

waarom, den strakken blik vol troostloos smachten,
omvat gij me eeuwig in uw bleeken kring,
o kindren van mijn ziel, o mijn gedachten?


1887

[Prosper van Langendonck pagina] [Coster pagina]

Bezorgd door Joachim Verhagen.
Opmerkingen aan: coster@dds.nl.